WIN ACTIE! Ode aan mijn vader

Gepubliceerd op 9 mei 2021 om 19:00

“Papa vergaderen? Papa orgelspelen? Komt papa niet meer?”

Weet je nog pap? Zo begon het gedichtje dat mama ooit namens mij schreef voor vaderdag. Want wat voor vader was jij toen ik klein was? Nou, vooral de afwezige vader. En dat klinkt misschien heel gemeen, maar zo bedoel ik het niet. Het is simpelweg waar.

Mama zorgde voor de kinderen, voor ons. En jij zorgde voor het geld. Je werkte fulltime, en deed daarnaast meerdere studies. Dat betekende dus iedere ochtend en iedere avond studeren. Op zondag speelde je orgel in de kerk, en tussendoor had je nog vaak vergaderingen en bijeenkomsten voor allerlei commissies waar je in zat. Kortom: druk, druk, druk.

 

Toch kan ik me niet herinneren dat ik daar 'last' van heb gehad. 's Avonds met het eten was je er, en zat je bij ons aan tafel. Ik herinner me een vakantie naar Denemarken, met een volgepakte auto en een karretje er achter. Wij met zijn drieën op de achterbank. Natuurlijk vechten. En jij die de auto op de vluchtstrook zette om ons eruit te zetten. De rest van de reis waren we behoorlijk mak. We gingen naar Legoland en aten patat met heel veel zout.

Ook herinner ik me een vakantie in België. Wij samen op een racefiets (voor mij veel te groot) op pad. Toen ik ouder werd zijn we zelfs eens samen naar de Dedemsvaria geweest, en dronken we een biertje op het terras.

 

Als wij als kleinere kinderen vervelend werden waarschuwde mama ons met “wacht maar tot je vader het hoort”. En dan waren we prompt een stuk minder vervelend. Want streng, dat was je wel. Ik herinner me nog als de dag van gisteren dat ik heel, heel hard de trap op ben gerend. Om een letterlijke trap van jou te ontlopen. Mama k**wijf noemen had ik duidelijk niet moeten doen. Ik heb denk ik een half uur in de badkamer gezeten met de deur op slot, tot ik er weer uit durfde.

 

“Streng doch rechtvaardig” zou jij zeggen. En daar ben ik het (achteraf) zeker mee eens. Als puber waren jij en ik niet de beste combinatie. Ik als recalcitrante bakvis, en jij als redelijk ouderwetse vader. Je bent me een keer uit het cafe komen halen met een helm op je kop, zodat ik het voortaan wel zou laten om te laat thuis te komen. De verplichte zondagse kerkbezoekjes hebben ook voor de nodige strubbelingen gezorgd. Maar ach, het kwam goed. Zo hebben we zelfs samen op Hilbert en Janny's bruiloft een muzikale bijdrage geleverd. Jij op het orgel, ik op de dwarsfluit.

 

Inmiddels ben ik volwassen, heb ik mijn eigen gezin. Toen ik het huis uit ging vond jij dat nog best wel 'een ding'. Terwijl ik er eigenlijk toch bijna nooit was. Maar ik kwam nog vaak 's avonds even wat lekkers brengen. De macaroni-kroket, toen ik nog bij de snackbar werkte. Of de nieuwste magnum.

 

Hoe ouder ik word, hoe vaker ik de vaderlijke kant van jou zie. Je kunt me bezorgd aankijken als ik bij jullie binnen kom. “Gaat alles goed meisje?” als Myrah me weer eens een slapeloze nacht heeft bezorgd en ik er niet op mijn best uit zie. Je wilt ons overal mee helpen, waar je kunt. We zijn geen knuffelige familie (ooh wacht, mag niet: Corona), zeggen niet om de haverklap dat we van elkaar houden. Maar dat doe ik wel papa, ik hou van je en hoop dat ik dat nog heel lang kan doen.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.